Wat is de rol van de Wwft-toezichthouders ten opzichte van de FIU-Nederland?
Om hun toezichtstaak uit te kunnen voeren, ontvangen toezichthouders ieder kwartaal een rapportage vanuit de FIU-Nederland met daarin geaggregeerde data over het meldgedrag binnen de sector waarop zij toezien. Als toezichthouder hebben zij daarnaast ook het mandaat om bijvoorbeeld informatie over uw meldgedrag rechtsreeks bij u op te vragen en om – mocht het niet naar wens gaan – aanwijzingen te geven of verdere stappen te ondernemen. Aangezien het de Wwft-toezichthouder is die het meldgedrag beoordeelt, zijn zij ook degene bij wie u terecht kunt met vragen over hoe u de wet dient te interpreteren en wat wel en niet onder de Wwft valt. De toezichthouders hebben daar een leidraad voor geschreven ter handreiking aan de sector.
De FIU-Nederland is de uitvoerende instantie vanuit de Wwft. Wij ontvangen uw meldingen van ongebruikelijke transacties en zijn de enige die inzage hebben in deze ongebruikelijke transacties. Een groot deel van onze collega’s is dagelijks bezig met het analyseren van deze transacties. Vanwege de staatsgeheime aard van dit werk kunnen wij veel details niet met u bespreken, maar dat betekent niet dat wij niet openstaan voor vragen. De vraag wat wel of niet gemeld moet worden, mogen wij niet beantwoorden. Maar wij kunnen u wel helpen met hoe er gemeld moet worden, wat u kunt doen om een melding zo informatief mogelijk te maken en wij proberen handvatten te geven die u assisteren bij uw taak als poortwachter. U kunt hiervoor altijd contact met ons opnemen.
-
Veel transacties vinden bijna realtime plaats (instant payments). Hierdoor kan het voorkomen dat de op te schorten transacties al (gedeeltelijk) zijn uitgevoerd. In de consultatiereacties bij het wetsvoorstel werd dan ook aangegeven dat het in de praktijk lang niet altijd mogelijk zal zijn om transacties op te schorten.[i] In deze gevallen zal een ‘tegoed ter grootte van de transactie’ worden geblokkeerd. Het blokkeren heeft dan alleen betrekking op het aanwezige saldo op het moment van opschorting. Latere stortingen op de rekening vallen niet onder de opschorting van het ‘tegoed ter grootte van de transactie’.[ii]
[i] Memorie van toelichting, p. 49, Ondermijning II
[ii] HR 7 juni 1929, NJ/1929/1285 (Girobeslag), memorie van toelichting, p. 30, Ondermijning II -
Na opschorting kan het zijn dat er strafvorderlijk beslag wordt gelegd door een opsporingsdienst/ het Openbaar Ministerie. Als het opschortingsverzoek is gedaan namens een buitenlandse FIU, dan kan een buitenlandse opsporingsdienst beslag laten leggen via een rechtshulpverzoek (Europees Bevriezingsbevel) Het is echter ook mogelijk dat er geen verder vervolg wordt gegeven aan de opschorting. Dit is afhankelijk van de uitkomsten van de analyse.
-
U houdt een transactie maximaal 5 werkdagen aan.i Als het verzoek is gedaan op verzoek van een buitenlandse FIU, dan geldt een termijn van maximaal 10 werkdagen.ii FIU-Nederland kan u vragen om de opschorting eerder te beëindigen.[i] Zonder bericht van FIU-Nederland beëindigt u de opschorting dus na 5 of 10 werkdagen.
[i] art. 17a, lid 3